FIT WORDEN? ZO STEL JE DOELEN

Als je fit en fysiek actiever wilt worden, zorgen realistische, goed geplande doelen ervoor dat je gefocust en gemotiveerd blijft.

Er zijn verschillende basisprincipes die je kunnen helpen bij het bepalen van je fysieke doelen, zoals:

  • Bepaal je uiteindelijke doel.
  • Ontdek hoe je je fitnessdoel kunt bereiken.
  • Stel kleine, specifieke minidoelen.
  • Controleer regelmatig je voortgang.
  • Aanpassen aan veranderende omstandigheden.
  • Wees niet te streng voor jezelf.

Bepaal je uiteindelijke doel

Wees realistisch. Je uiteindelijke fitnessdoel zou kunnen zijn om op een bepaalde datum fit genoeg te zijn om deel te nemen aan een wedstrijd of om 20 baantjes in het zwembad te doen. Maak je doel in ieder geval realistisch en bedenk wat voor jou haalbaar is. Schrijf je doelen op.

Wees specifiek. Maak van je uiteindelijke doel geen algemene uitspraak als: ‘Ik wil afvallen’. Maak het meetbaar. Hoeveel kilo wil je precies afvallen?

Kies een doel dat voor jou zinvol en belangrijk is, niet voor iemand anders. Als je partner bijvoorbeeld wil dat je afvalt, maar je bent gelukkig zoals je bent, kan het moeilijk zijn om je trainingsroutine op lange termijn vol te houden.

Ontdek hoe je je fitnessdoel kunt bereiken

Als je eenmaal je fitnessdoel hebt bepaald, moet je nadenken over hoe je dat doel gaat bereiken. Verschillende fitnessdoelen vergen verschillende benaderingen. Afslanken vereist bijvoorbeeld dat je regelmatig meer Kilojoules verbrandt dan je binnenkrijgt. Een goede strategie kan zijn:

  • Start met een activiteit zoals wandelen.
  • Oefen 15 tot 30 minuten op alle of de meeste dagen van de week.
  • Beperk het eten van junkfood.
  • Eet kleinere porties.
  • Verhoog de hoeveelheid verse groenten en fruit, mager vlees, magere zuivelproducten en volkoren voedsel in uw dagelijkse voeding.
Wandelen is een uitstekende activiteit om mee te beginnen

Stel kleine, specifieke minidoelen

Je hebt meer kans om je uiteindelijke doel te bereiken als je het verdeeld in kleinere minidoelen. Korte termijndoelen zijn specifieke, dagelijkse activiteiten die je naar je uiteindelijke doel kunnen leiden.

Bepaal een startpunt, zodat je activiteiten kunt kiezen die comfortabel en realistisch zijn. En die je langzaam kunt opbouwen in een tempo dat goed voelt.

Stel een redelijke termijn vast. Als je bijvoorbeeld 20 kg wilt afvallen, moet je rekening houden met een realistisch gewichtsverlies van 1 kg lichaamsvet per één tot twee weken. Dus een termijn van ongeveer 20 tot 40 weken.

Beschouw je trainingsroutines als minidoelen. Een minidoel kan bijvoorbeeld zijn om op alle of de meeste dagen van de week te sporten. Hoe meer minidoelen je bereikt, hoe gemotiveerder je wordt.

Controleer regelmatig je voortgang

Maak je doelen meetbaar. Bepaal hoe je je voortgang gaat volgen en noteer elk detail.

Meet je voortgang op concrete manieren. Als je bijvoorbeeld aan het trainen bent met gewichten, noteer dan het gewicht en de herhalingen voor elke oefening. Als je traint om af te vallen, houd dan uw gewichtsverlies bij.

Kies geschikte manieren om je voortgang te meten. Een weegschaal maakt bijvoorbeeld geen onderscheid tussen spieren en vet. Het is misschien beter om je maten op te nemen met een meetlint.

Zoek zoveel mogelijk verschillende manieren om uw voortgang bij te houden en schrijf je voortgang regelmatig op, bijvoorbeeld een keer per week. Vast te leggen zijn aantal trainingssessies, dagelijkse voeding en wekelijkse metingen.

Voeg incidentele prestaties toe, zoals de momenten dat je je energieker voelt of in een kleinere spijkerbroek past.

Veranderen de omstandigheden? Pas dan je fysieke activiteit ook aan

Denk na over manieren om met onderbrekingen om te gaan. Zo kun je op vakantie misschien niet op je gebruikelijke manier sporten, maar kun je gaan wandelen of gebruikmaken van de fitnessfaciliteiten van het hotel.

Als je geblesseerd raakt of ziek wordt, laat je fitnessdoelen dan niet varen. Pas in plaats daarvan het tijdsbestek van je uiteindelijke doel aan. Bedenk microdoelen om je op het goede spoor te blijven terwijl je herstelt. Je kunt bijvoorbeeld te ziek zijn om te sporten, maar je kunt wel je voeding verbeteren. Noteer deze microdoelen om je motivatie op peil te houden.

Als je fitnessdoel je te boven lijkt te gaan, pas je minidoelen dan aan en blijf gemotiveerd.

Wees niet te streng voor jezelf

Soms zul je merken dat je fitnessdoel te ambitieus is. Misschien verlies je bijvoorbeeld 0,5 kg per week in plaats van 1 kg en soms verlies je misschien helemaal geen gewicht (onthoud dat spieren meer wegen dan vet)… Zorg er dan voor dat je je concentreert op hoe je je voelt. Je kent jezelf veel beter dan een weegschaal.

De eerste paar maanden van een nieuw trainingsprogramma zijn altijd de meest uitdagende. Pas je korte termijn doelen aan, houd vol en vertrouw erop dat de dingen met de tijd gemakkelijker zullen worden.

Vier je prestaties, hoe klein ook. Je inzetten voor een gezondere levensstijl is een geweldige prestatie, zelfs als je fitnessdoel iets moeilijker te bereiken is dan je eerst dacht. Ga terug naar het begin van je notities en waardeer hoe ver je bent gekomen.

Houd een secundair fitnessdoel in gedachten. Als je uiteindelijke doel bijvoorbeeld is om 20 kg af te vallen, kan 20 minuten joggen je secundaire doel zijn. Het behalen van dit secundaire doel is nog steeds een groot succes.

Geef niet op. Je bent de moeite waard.

Share:
Share on facebook
Share on linkedin

Laat een reactie achter