Waarom diëten falen (en wat je dan wel kan doen)

De kans is groot dat je ooit een dieet begon en de kans is bijna even groot dat het niet werkte. En wel omdat zowat alle diëten falen. Maar niet getreurd, er bestaan andere manieren om je gewicht onder controle te krijgen.

De voorbije jaren volgden wetenschappers 22.000 mensen met overgewicht of obesitas. Die mensen hadden één ding gemeen: ze wilden gewicht verliezen. Maar ze gebruikten daarvoor verschillende diëten. Het hele populaire spectrum kwam aan bod – van Atkins en Weight Watchers tot paleo, keto en mediterraan. In totaal veertien diëten.

De grootschalige studie, die in 2020 gepubliceerd werd, kwam tot een stuitende conclusie: er bleek amper verschil in de gezondheidsvoordelen die de verschillende diëten opleverde. Meer zelfs, ook op het vlak van gewichtsverlies bleek er geen of weinig verschil. De meeste diëten leverden resultaat op na zes maanden – gemiddeld verloor de persoon vijf kilo – maar na twaalf maanden was de vooruitgang in bijna alle gevallen teniet gedaan. De verloren kilo’s kwamen er meestal opnieuw bij.

De studie bevestigt de conclusies van eerder onderzoek: dat zowat alle diëten gedoemd zijn om te falen. Het gewicht dat we in het begin verliezen, vaak door minder koolhydraten te eten, komt er na een tijdje opnieuw bij. Niet zelden zelfs meer.

Toch is op eender welk moment een groot deel van de bevolking aan het diëten. Meestal tot hun grote ontgoocheling. Nochtans begrijpen we waarom diëten aantrekkelijk zijn. Onze maatschappij prijst dunheid bij vrouwen en spieren bij mannen aan. Daarop vegeteert de dieetindustrie, een gigantische tak die grof geld binnenhaalt met diëten die niet werken.

Waarom falen diëten?

De redenen zijn legio. Sommige mensen volgen een dieet zo nauwgezet, dat het amper vol te houden is. Het tegenovergestelde kan ook: sommigen leven de instructies niet nauwgezet genoeg na, omdat het dieet hen te veel beperkt, het hun sociaal leven aantast of ze het voorgeschreven eten gewoon niet kunnen smaken. Andere mensen eten wel hetgeen het dieet hen voorschrijft, maar bewegen minder, vaak omdat ze minder calorieën binnenkrijgen.

En zelfs als je alles goed doet, betekent dat nog altijd geen garantie op gewichtsverlies. Misschien zijn je hormonen uit balans, bijvoorbeeld door medicatie, werkt je schildklier te traag, slaap je te weinig, heb je te veel stress of zijn je verwachtingen te hoog. Misschien denk je dat je het verkeerde dieet hebt gekozen? Dat je misschien iets anders moet proberen? Nee, hoor.

Want als die studie ons één ding leert, dan wel dit: je kan niet het juiste dieet kiezen als geen enkel dieet werkt. Als diëten niet werkt voor het overgrote deel van de mensen – de faalratio is 95 procent – waarom zouden we dan de individuen de schuld moeten geven? Een dieet is vaak niet de oplossing, wel het probleem.

Wat gebeurt er in je lichaam als je dieet?

Tijdens een dieet ontzeg je je lichaam bepaalde voedingsstoffen. Die heeft je lichaam nochtans nodig. Twee derde van onze dagelijkse energievereisten gaat naar essentiële lichaamsfuncties. Het laat je hart kloppen, je longen werken, je nieren filteren, je bloed circuleren en je hersenen op hoog toerental draaien. Zelfs als je in bed ligt, en geen spier verrekt, gebruikt je lichaam brandstof. De energie uit eten houdt je letterlijk in leven.

Je lichaam werkt bovendien hard. Het heeft energie nodig om voedsel te verteren, om je immuunsysteem te wapenen tegen ziektes, om hormonen te produceren en schade aan je lichaam te herstellen. En daarbovenop om je door de dag te krijgen.

Wanneer je onvoldoende eet, krijgt je lichaam niet genoeg energie om al die functies te onderhouden. Je lichaam is slim: het gaat in overlevingsmodus en stelt prioriteiten. Wat kan het met de weinige energie doen? Daarom dat diëten vaak leidt tot vermoeidheid, een mindere seksuele drive, het stoppen of onregelmatig worden van de menstruatie, en huid, haar of nagels die er beroerd uitzien. Ook heb je het tijdens een dieet vaak koud. Allemaal signalen dat het lichaam energie probeert uit te sparen voor de vitale functies.

Ga je ermee door, dan breekt je lichaam opgeslagen energievoorraden af. Vet, jawel, maar ook spieren. Die laatsten staan in nauw contact met je metabolisme, ofte stofwisseling. Als je spieren verliest, dan vertraagt ook je metabolisme. Gevolg: je lichaam moet nóg harder gaan werken om energie uit te sparen. Je hartslag vertraagt, bloeddruk daalt en vertering verloopt moeilijker. Waardoor je vaak opgezwollen of geconstipeerd voelt. Ook je hersenen krijgen minder energie, waardoor het moeilijker is om je concentreren of om problemen op te lossen.

Omdat ook je metabolisme blijft vertragen, kom je opnieuw aan. Je bent nog minder tevreden met je lichaam, waardoor je weer aan het diëten gaat. Gevolg: een vicieuze cirkel. Dat jojo-effect is nefast voor je gezondheid, meestal zelfs slechter dan enkele kilootjes te veel meesleuren, en kan ook psychologische schade aanrichten. Wanneer je dieet je prioriteit wordt, dan gaan ook vriendschappen, familie, hobby’s en loopbaan daar soms onder lijden.

Diëten verandert je relatie met voeding

Iedereen herkent het volgende scenario. Je gaat op dieet, schrapt koekjes, chips en vettige happen uit de snackbar van het menu. In het begin ga je als een speer. Je grijpt naar een appel als tussendoortje en drinkt genoeg water om een woestijndorp te bevoorraden. Maar na een tijdje snakt je lichaam naar de verboden vrucht. Je spartelt nog wel even tegen, maar op een bepaald moment ontspoor je en verorber je drie pakken koeken, een familiepak chips en de jumboburger van de snackbar. Dat giet je weg met anderhalve liter Coca-Cola.

Misschien verwijt je jezelf daarna een gebrek aan wilskracht. Je hebt wéér niet kunnen volhouden, mislukkeling die je bent. Wacht even! Wees niet zo hard voor jezelf! Je vreetactie is namelijk perfect te verklaren: je lichaam in ontbering schreeuwt om hulp. Ontbering kan zowel fysiek als psychologisch optreden. Wanneer je niet genoeg eet, dan snakt je lichaam naar energie. Denk aan het vorige puntje: je hebt eten nodig om te overleven, om al je lichaamsfuncties in gang te houden. Als er niet genoeg energie binnenkomt, dan zal je lichaam protesteren. Het zal je signalen geven om te eten. Helaas loert het risico van overeten op dat moment om de hoek, waardoor je je schuldig voelt en opnieuw op dieet gaat.

Een dieet zorgt er vaak ook voor dat er een taboe rust op bepaald voedsel. Dat je jezelf pakweg chocolade volledig ontzegt. En als je dan toch in de verleiding komt om een blokje chocolade te eten, dan heb je het idee dat het je verknoeid hebt. ‘Oké, nu kan ik beter het hele pak opeten en morgen begin ik opnieuw met een schone lei.’ Dat is wat diëtisten het ‘laatste avondmaal’ noemen. Maar zou het ook gebeurd zijn als je chocolade niet in de eerste plaats op de verboden lijst had gezet? Wellicht niet.

Zijn lightproducten een goed idee?

Niet echt. De kunstmatige zoetstoffen brengen je lichaam in de war. Door het gebrek aan calorieën krijgen de hersenen niet de beloning die ze verwachten. Daardoor verhoogt je eetlust en je verlangen naar méér suiker. Studies wijzen bovendien op de link tussen consumptie aan lightfrisdrank en en verhoogd risico op diabetes type 2.

Wat kan je dan wel doen?

Denk je na al het vorige dat de strijd met de kilootjes onherroepelijk verloren is? Toch niet. In plaats van een beperkend dieet te kiezen, zo eentje waarvan je al op voorhand vermoedt dat het een hel gaat worden, opteer je best voor een verandering in je levensstijl die je kan volhouden. Met eten dat je wel lekker vindt, waardoor het gemakkelijker vol te houden is. Wie smaakvolle maaltijden naar binnen mag werken, merkt niet eens dat die ook heilzaam zijn voor het lichaam.

In plaats van chocolade en vettig voedsel in de ban te slaan, maak je er beter vrede mee. Geef jezelf toestemming om te eten wat je wil, binnen een gezonde, gebalanceerde levensstijl. Leef in harmonie met je lichaam. Herken de signalen die zeggen dat je honger hebt en vol bent, vertrouw erop. Dat heet intuïtief eten: je geeft je lichaam toestemming om te eten wat je wilt, en te genieten zonder je schuldig te voelen. Al moet je wel opmerken wanneer je vol bent en daarnaar luisteren. Door alsmaar in te gaan tegen hongersignalen, ga je vaker aan voeding denken. Totdat je een situatie creëert waarin je ongecontroleerd gaat vreten.

Niet enkel voeding heeft een impact op je gewicht. Verlies andere factoren niet uit het oog. Elke dag bewegen is minstens even belangrijk voor succes op lange termijn. Mik op minimaal 60 minuten. Wanneer je vet verlies en spieren kweekt, versnel je ook het metabolisme. Dat kan niet met enkel gezond voedsel, het moet gebeuren in combinatie met beweging.

Te veel stress bevordert hongeraanvallen en zorgt ervoor dat buikvet gemakkelijker wordt opgeslagen. Ontspan door aan yoga te doen, te mediteren of te wandelen. Ook een gezond slaapritme is essentieel. De moderne mens slaapt minder lang en kwaliteitsvol, vooral door een hectische levensstijl. Slaap zorgt nochtans voor herstel en laat je lever toe om de bloedsuiker te regelen. Doe je dat niet, dan geraakt je lever overbelast en krijg je overdag af te rekenen met bloedsuikerschommelingen, dipjes en meer zin om te eten. Tracht regelmaat te krijgen in je slaappatroon en ontzie je lever door minder alcohol, koffie, verhitte vetten en suiker te consumeren.

Gewicht verlies is niet gemakkelijk. Praat met specialisten – dokters, diëtisten, gezondheidscoaches, experts bij de sportschool – en kom te weten wat werkt voor jou.

Share:
Share on facebook
Share on linkedin